Slider

181022 Mhehenkamp"Het werd druk".

Miek Hehenkamp, ambassadeur van PACT voor Kindcentra en procesbegeleider kindcentra zag in de coronatijd creativiteit en een veelheid aan oplossingsvermogen, bijna een soort van overlevingskracht, loskomen. Op haar website staat te lezen. ‘Ik sla graag nieuwe wegen in en ben niet bang voor de zoektocht in het onzekere.’ Die eigenschappen kon ze goed gebruiken toen half maart de coronacrisis in Nederland toesloeg. Maar ook bij haar sloeg haar de schrik wel even om het hart. Ze werkt als zelfstandige en in de eerste week na de intelligente lockdown, liep haar agenda leeg; alle afspraken werden een voor een afgezegd.

Miek Hehenkamp werkt als procesbegeleider kindcentra voor schoolbesturen en kinderopvang. Op diverse plekken in het Noorden van het land geeft ze leiding aan het transitieproces van een integraal kindcentrum. Ze is ook ambassadeur van PACT voor Kindcentra in de regio Friesland. “Mijn agenda is nog nooit zo leeg geweest als in de eerste week van de corona lockdown”, vertelt Miek Hehenkamp. “Alle afspraken werden afgezegd en ik maakte me eerlijk gezegd wel een beetje zorgen. Zzp’er zijn met een lege agenda is een gruwel.”Maar ongeveer halverwege week twee bemerkte ze een kentering. “Het gevoel van: ‘dit kan toch niet de bedoeling zijn’, kreeg de overhand. Ik merkte dat klanten online mogelijkheden onderzochten om lopende processen weer op gang te brengen. En in de derde week van de crisis werden er twee eerder uitgebrachte offertes gehonoreerd. Er kwamen zelfs nieuwe opdrachten bij; het werd druk.”

Onderwijs en kinderopvang moesten in een heel korte tijd enorm veel regelen. Miek zag direct de voordelen van werken binnen een integraal kindcentrum (IKC). “Al snel werd ook de vraag gesteld over hoe je - naast onderwijs - thuis ook aandacht kon besteden aan de naschoolse activiteiten. Er was vrijwel direct aandacht voor de brede ontwikkeling van kinderen. Haast vanzelfsprekend, omdat daar binnen een IKC ook altijd aandacht voor is. Er werden programma’s aangeboden voor koken, sport, natuur- en milieueducatie en er bleek ook van alles online mogelijk.”


Erkenning
Miek zag nog een andere ontwikkeling: “Ineens was het voor ouders normaal om hulp te vragen. Ze kregen als het ware erkenning voor hun problemen. Het was evident dat deze situatie stress opleverde en omdat – door aanwezigheid van jeugdhulp op de IKC’s – de expertise aanwezig was, konden problemen direct goed worden opgepakt. De lijntjes waren al kort en hoefden eigenlijk alleen maar te worden aangehaald.” Miek hoorde vooral over stress bij hoogopgeleide ouders. “Die moesten van het ene op andere moment arbeid, zorg en huiswerk van de kinderen combineren.“ Bij gezinnen uit achterstandswijken zag Miek iets bijzonders gebeuren: het lijkt er op dat vooral die groep van een achterstand een voorsprong heeft gemaakt: doordat ouders met hun vragen durfden te komen, kinderen het zelfstandig werken zo goed hebben opgepakt én er een goede interdisciplinaire samenwerking met de zorg was.

Leerkrachten hadden de kinderen uit achterstandswijken over het algemeen heel goed in beeld, constateerde Miek. “Zeker op de IKC’s waar jeugdhulp in het kindcentrum aanwezig is. Het werd zichtbaar hoe waardevol die samenwerking is. Ik zag geen grote toename van kinderen waarover zorgen waren. Over het algemeen heeft corona in Friesland ook niet heel hard toegeslagen. Er waren in deze regio relatief weinig zieken, dat leverde dan ook minder stress op dan bijvoorbeeld in het Zuiden van het land. Bovendien, waar de Friezen vaak bekend staan als een stug volk, bleek wederom het tegendeel waar. Overal om mij heen zag ik initiatieven om elkaar te helpen. Ineens werd zichtbaar hoe hecht de samenleving hier is.”

Regionale aanjagers
Vanuit haar rol als ambassadeur bij PACT voor Kindcentra organiseert Miek regelmatig bijeenkomsten voor regionale aanjagers van de ontwikkeling naar kindcentra. “Die bijeenkomsten heb ik in eerste instantie stil moeten zetten, maar nog voor de zomer komen we weer bijeen om te reflecteren op deze periode. Dan willen we het hebben over de vraag waar we - ten tijde van de coronacrisis - krachten en zwakten hebben gezien in de samenwerking. Dat ga ik Friesland breed doen. Ook op bestuurlijk niveau, daarmee starten we na de zomer.” Miek denkt en hoopt dat deze coronatijd een positieve impuls gaat geven aan de samenwerking tussen onderwijs, kinderopvang en jeugdhulp. “Daar waar je nu hoort dat het niet lekker loopt tussen onderwijs en kinderopvang was de relatie al niet optimaal, daarvan ben ik overtuigd. Maar daar waar het goed gaat, daar verwacht ik een versnelling van hechte samenwerking door deze coronatijd.”

Verbinding gemist
Zover is het nu nog niet. Aan het begin van de crisis merkte Miek zelfs dat onderwijs de neiging had om - net als ze vroeger vaak zag - op een eiland te gaan zitten. “Veel leerkrachten waren - vanuit hun primaire taak: onderwijs geven aan kinderen - heel druk met het goed regelen voor kinderen en ouders. Ze gooiden qua samenwerking eigenlijk, onbewust en geredeneerd vanuit hun kerntaak, de deur dicht en gingen met hun eigen klas aan de gang. Er ontstond zo minder ruimte voor verbinding tussen de teamleden onderling. Eigenlijk een heel natuurlijke beweging, er moest heel veel, in heel korte tijd gedaan worden. En wat bleek toen we vanuit de interdisciplinaire gedachte het team weer bij elkaar zetten? Men had de onderlinge verbinding gemist… Gelukkig ben ik daar ook voor, om dit soort processen in gang te zetten. Soms heb je iemand van buiten nodig om vroegere gewoontes zichtbaar te maken.”

Miek vond de coronatijd – naast de ellende die het met zich meebracht – ook erg leerzaam. “Er kwamen ongekende krachten in mensen naar boven om het goed te organiseren voor kinderen en hun ouders. Ik zag creativiteit en een veelheid aan oplossingsvermogen, bijna een soort van overlevingskracht, loskomen.” De crisis bleek Miek zelf vooral te inspireren. “Dat doen dit soort situaties blijkbaar met mij; het gaf mij positieve kracht en energie. Ik gedij goed als ik nieuwe dingen kan oppakken en kansen zie. Die eigenschap helpt mij enorm in deze tijd, zeker ook als ambassadeur van PACT voor Kindcentra.”